Bekende auteurNederlandliterair

Esther Gerritsen

Nederlandse romanschrijver, scenarist en zelfbenoemde shortlist-koningin.

Over de auteur

Esther Gerritsen (Nijmegen, 2 februari 1972) is een Nederlandse schrijfster van romans, verhalen en toneel. Ze groeide op in Gendt en studeerde Dramaschrijven en Literaire vorming aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht. Naast haar boeken schreef ze columns voor onder meer de Volkskrant, Opzij en de VPRO Gids, en sinds 2014 werkt ze ook als scenarioschrijver — onder andere voor de tv-serie Red Light en de film Instinct, beide in samenwerking met Halina Reijn en Carice van Houten.

Haar schrijverschap begon aan het eind van de jaren negentig op het toneel. In oktober 1999 ging de monoloog Huisvrouw in première in Amsterdam, in de regie van Alexandra Koch; een jaar later volgde in Utrecht de monoloog Het geeft niet. Als prozaschrijver debuteerde ze in 2000 met de verhalenbundel Bevoorrecht bewustzijn, waarna in 2002 haar eerste roman Tussen een persoon verscheen. In diezelfde periode schreef ze meerdere toneelstukken — Een vriendelijk stuk over aardige mensen, Monoloog van een paard, Hoe komt het kalf bij zijn maat en de lunchvoorstelling Seks & eten — die in 2004 werden gebundeld in Toneel. Sinds 2004 legt ze zich volledig op proza toe.

In haar lezing Waarom ik eens even stop met toneelschrijven (2007) legde Gerritsen uit waarom proza haar natuurlijker afgaat dan toneel. Bij het schrijven van toneel ziet ze een volle 'evenementenhal' voor zich, en die aanwezigheid van een denkbeeldig publiek werkt verlammend: 'Ik ben bang voor de groep.' In proza vindt ze de intimiteit die haar op het toneel ontglipt: 'Alles wat ik als toneelschrijver niet durfde, durfde ik wel als prozaschrijver.' Waar het publiek voor haar 'de ander' is die ze moet winnen, is de lezer een bondgenoot — en pas in proza durfde ze zich ook van haar humor te bedienen.

De jaren tien brachten een gestage reeks romans die haar positie in de Nederlandse letteren vestigden. In 2010 verscheen Superduif, over het meisje Bonnie Mol dat zich op de grens van basis- en middelbare school inbeeldt dat ze in een reusachtige duif verandert om mensen voor rampen te behoeden; als de broer van haar vriendin verongelukt, voelt ze zich tekortgeschoten. Daarna verschenen volgens haar uitgeversfonds Dorst (2012) en Roxy (2014). In 2011 noemde het tijdschrift Hollands Diep haar — na een rondvraag onder 27 recensenten naar de meest belovende Nederlandse en Vlaamse auteurs onder de veertig — bij de tien meest genoemde namen, naast onder anderen Peter Buwalda, Gustaaf Peek, Dimitri Verhulst en Christiaan Weijts. In 2016 schreef ze het Boekenweekgeschenk Broer.

Naast haar romans publiceerde Gerritsen twee bundels beschouwend werk. Jij hebt iets leuks over je (2011) verzamelt columns, reportages en lezingen uit 2001-2011, met onderwerpen als de ziekte en dood van haar oudere broer, het katholieke geloof waarin ze opgroeide, de ideale bibliotheek en de brieven van Vincent van Gogh. Ik ben vaak heel kort dom (2013) bundelt haar VPRO Gids-columns uit 2010-2012; de onderwerpen zijn huiselijk — het opvoeden van een jonge dochter, het leven na een echtscheiding — maar het eigenlijke thema is de associatieve, ontvankelijke geest van de auteur die het leven klein en overzichtelijk probeert te houden.

Haar recentere oeuvre bestaat uit De terugkeer (2020) en Gebied 19 (2023), terwijl haar toneelteksten in 2015 opnieuw werden gebundeld in De kopvoeter en andere toneelteksten. Prijzen volgden met de regelmaat van een shortlist-vaste gast: De trooster stond op de shortlist van de Libris Literatuur Prijs 2019, en in 2024 werd ze voor dezelfde prijs genomineerd met Gebied 19. Nadat ze ook die editie niet won, zwoer de door haarzelf zo genoemde 'shortlist-koningin' nooit meer naar een prijsuitreiking te gaan — om later dat jaar met hetzelfde boek alsnog de Boekenbon Literatuurprijs te winnen.

Voor wie Gerritsen nog niet kent, zijn er verschillende ingangen. Gebied 19 (2023) is het meest recente startpunt — het boek waarmee ze in 2024 de Boekenbon Literatuurprijs won en de Libris-shortlist haalde. Wie een korter beginpunt zoekt, kan terecht bij Broer, het Boekenweekgeschenk uit 2016 dat door zijn beperkte omvang in één avond te lezen is. Lezers die haar non-fictie willen leren kennen kunnen beginnen bij Ik ben vaak heel kort dom (2013), waarin haar associatieve stem en huiselijke onderwerpen samenkomen in korte stukken.

Haar schrijverschap begon aan het eind van de jaren negentig op het toneel.
Lijkt op

Auteurs zoals Esther Gerritsen

Drie schrijvers met dezelfde leeservaring. Score op 10. Geen marketingpraat.