Boeken zoals Maike Meijer
Drie auteurs die dezelfde leeservaring leveren als Maike Meijer. Geen "klanten kochten ook"—handgekozen op thema, sfeer en stem. Met per auteur de drie boeken om mee te beginnen.
Maike Meijer is schrijver geworden vanuit een loopbaan die zich decennia afspeelde op toneel, voor de camera en achter het bureau — als actrice, scenarioschrijver en maker van absurdistische komedie. Haar enige roman, Wen er maar aan (2020), is door haarzelf omschreven als een tragikomedie over verval en teloorgang. Dat de toon tegelijk komisch en melancholiek is, laat zich raden uit haar eerdere werk voor de serie Toren C, waarin alledaagse personages kantelen van herkenbaar naar absurd. Wie na Meijer verder wil lezen, zoekt wellicht niet per se naar méér tragikomedies, maar naar schrijvers die literair proza combineren met een scherpe blik op de samenleving waarin je opgroeit — en die daarbij afstand nemen van de wereld zonder hem te veroordelen.
De drie auteurs hieronder delen met Meijer een belangstelling voor wie je wordt als je opgroeit in een strenge of bekrompen gemeenschap, en hoe dat zich vertaalt naar taal en zelfbeeld. Bij Lucas Rijneveld zie je het gereformeerde boerenlandschap; bij Tommy Wieringa de Twentse provincieplaats; bij Connie Palmen de katholieke Limburgse enclave. Alle drie maken ze van die achtergrond geen excuus of aanklacht, maar een literair vertrekpunt — net zoals Meijer's personages niet enkel slachtoffer zijn van hun omgeving, maar er ook mee spelen, er dwars tegenin bewegen of er juist in verzinken. Waar Meijer het theater in zich meedraagt — korte scènes, typetjes, stemmen — kiezen deze schrijvers voor langere zinnen, meer introspectie en een verhaal dat zich van binnenuit ontvouwt.
Lucas Rijneveld
Beide schrijven literair werk geworteld in een streng religieus milieu op het Nederlandse platteland, met een rauw portret van opgroeien tussen taboe en bevrijding. Rijneveld's Booker-winnende debuut deelt Meijers voorkeur voor taal als middel tot zelfontdekking.
Match-score van 8.5/10 op basis van thema, sfeer en lees-experience — niet op populariteit of marketing-overlap. Nederlandse schrijver en dichter, winnaar van de International Booker Prize 2020.
Waar Meijer's toon absurdistisch-komisch blijft en haar personages zich door middel van typetjes en theatrale afstand verhouden tot hun omgeving, laat Rijneveld zijn protagonisten volledig ondergedompeld in het gereformeerde boerenleven — zonder ironie, zonder uitweg naar humor. Zijn zinnen meanderen, zoeken tastend naar woorden voor wat het lichaam voelt en wat het geloof verbiedt. Meijer schrijft vanuit jarenlange ervaring met personages die naar buiten treden, op een podium of voor een camera; Rijneveld schrijft vanuit een wereld waarin je naar binnen keert, waar stilte zwaarder weegt dan dialoog. Het rauwste verschil: Meijer's melancholie zit verpakt in tragikomische afstand, Rijneveld's melancholie snijdt direct in het vlees — letterlijk, want zijn personages ervaren het lichaam als slagveld van rouw en taboe.
Begin bij De avond is ongemak, het boek dat de International Booker Prize won. Daar zie je meteen waarom Rijneveld naast Meijer past: een kind dat opgroeit in een gereformeerd gezin op een boerderij, met dood en geloof als vanzelfsprekende dagelijkse aanwezigheden. Net als Meijer's personages zoekt Rijneveld's protagonist een manier om te overleven in een omgeving die niet past — maar waar Meijer daarvoor een theatrale lens inzet, gebruikt Rijneveld lange, zoekende zinnen die het innerlijk blootleggen zonder filter. Het boek is geen gemakkelijke leeservaring, maar het laat zien wat er gebeurt als je de afstand die Meijer bewaart, volledig loslaat.
Tommy Wieringa
Wieringa combineert eveneens een literaire stijl met portretten van buitenstaanders en morele vragen rond geloof en gemeenschap. Zijn Joe Speedboot vertoont parallellen met Meijers focus op individualiteit binnen een bekrompen sociale setting.
Match-score van 7/10 op basis van thema, sfeer en lees-experience — niet op populariteit of marketing-overlap. Nederlands romanschrijver van Joe Speedboot, Dit zijn de namen en Nirwana.
Waar Meijer één boek schreef en vervolgens terugkeerde naar film en toneel, bouwde Wieringa een solide oeuvre op van romans, reisverhalen en columns — schrijverschap als hoofdberoep, niet als zijstap. Zijn personages zijn vaker jongens of mannen die buiten de gemeenschap staan, terwijl Meijer's focus eerder ligt op wie zich binnen een setting beweegt en daarin verwikkeld raakt. Wieringa zoekt het in vertelde verhalen met een verteller die wat verder van de personages af staat; Meijer's achtergrond in theater betekent dat haar typetjes dichter op de huid zitten, directer getoond worden. Ook qua sfeer verschilt het: waar Meijer's tragikomische toon iets absurdistisch heeft, houdt Wieringa's proza zich meer aan een sobere, realistische toon — zelfs als zijn verhalen uitzonderlijke levens beschrijven.
Begin bij Joe Speedboot, de ontwikkelingsroman uit 2005 die Wieringa doorbrak en in 2006 de F. Bordewijk-prijs won. Het is het verhaal van een jongen die opgroeit in een Twentse provincieplaats en in de ban raakt van een charismatische buitenstaander — precies het soort setting waarin iemand probeert te ontsnappen aan wat zijn omgeving hem oplegt. Dat thema deelt het met Meijer's werk, maar waar Meijer de tragikomische afstand bewaart, laat Wieringa je meeleven met de protagonist zonder ironie. Het boek toont wat Wieringa doet: sobere taal, scherpe observatie, personages die zich niet gemakkelijk laten vangen in een oordeel.
Connie Palmen
Palmen schrijft filosofisch geladen, autobiografisch getinte literatuur over identiteit en taal. Net als Meijer verkent ze de spanning tussen zelf en omgeving, met aandacht voor de rol van religie en opvoeding in persoonlijke ontwikkeling.
Match-score van 6.5/10 op basis van thema, sfeer en lees-experience — niet op populariteit of marketing-overlap. Nederlandse romanschrijver van filosofisch geladen proza over liefde, rouw en taal.
Waar Meijer één boek schreef dat sterk autobiografisch getint lijkt maar wel afstand houdt door middel van absurdistische toon en theatrale blik, maakt Palmen van het autobiografische juist een filosofisch onderzoeksproject — met name in boeken als I.M. en Geheel de uwe, waarin ze haar relatie met Ischa Meijer verwerkt. Palmen's proza is intellectueler, beschouwender, meer gericht op identiteit en taal als concepten; Meijer's achtergrond in toneel en televisie maakt dat haar vertelling concreter blijft, meer gebonden aan scènes en typetjes. Ook de schaal verschilt: Palmen bouwde een oeuvre op van tien romans plus essays en interviews; Meijer publiceerde één boek en keerde terug naar film. Waar Meijer's werk voortkomt uit theater en komedie, komt Palmen's werk voort uit filosofie en literatuurwetenschap — dat verschil in bagage hoor je terug in de zinsbouw.
Begin bij De vriendschap uit 1995, het boek dat Palmen de AKO Literatuurprijs opleverde. Het vertelt het verhaal van twee meisjes die opgroeien in totaal verschillende milieus en een levenslange vriendschap aangaan — precies het soort thema waarin Palmen laat zien hoe identiteit wordt gevormd door wie je omringt en wat je van hen overneemt of juist afwijst. Het boek heeft iets van een ontwikkelingsroman, maar dan geschreven door iemand die filosofie studeerde en zich afvraagt wat vriendschap betekent voor wie je wordt. Voor wie Meijer's focus op hoe je overleeft in een bekrompen omgeving herkent, biedt dit boek een vergelijkbare vraag — maar dan gesteld in meer introspectieve, literair-filosofische taal.
Niet wat je zoekt?
Onze Leesvolger leest je smaak — vertel wat je net las en wat je ervan vond, krijg drie boeken die echt passen.
Probeer Leesvolger →







