Bart Moeyaert
Vlaams schrijver en dichter van compacte, muzikale verhalen over familie en liefde.
Bart Moeyaert (Brugge, 9 juni 1964) is een Vlaams schrijver en dichter. Hij groeide op als jongste van zeven zonen — een familiepositie die hem volgens Belgische traditie koning Boudewijn als peetoom opleverde en die later de kern zou vormen van zijn bekendste boek. Hij volgde de kunsthumaniora aan de Sint-Lucasschool in Gent en studeerde vervolgens Nederlands, Duits en geschiedenis aan de lerarenopleiding Sint-Thomas in Brussel, waar hij in 1986 afstudeerde met een scriptie over Aidan Chambers — een auteur die, zo stelt zijn Wikipedia-pagina, zijn eigen schrijfstijl in belangrijke mate beïnvloed heeft. Ondanks zijn leraarsdiploma koos hij voor de journalistiek en het schrijven: eerst als freelancer voor Flair, vanaf eind 1989 als corrector en later redacteur bij uitgeverij Averbode.
Moeyaert debuteerde al op zijn negentiende. Op 1 oktober 1983 verscheen Duet met valse noten, een autobiografisch boek dat een jaar later door de Kinder- en Jeugdjury werd uitgeroepen tot beste boek van het jaar. Het werd vertaald in het Duits, Japans, Catalaans en Hongaars en werd bewerkt tot toneelstuk en musical. De opvolger Terug naar af (1986) verscheen exact drie jaar na zijn debuut; in 1988 volgde het geschenkboek Het boek van Niete voor de Vlaamse Jeugdboekenweek. Moeyaert zelf beschouwt niet zijn officiële debuut, maar Suzanne Dantine (1989) als het boek waarmee hij de overstap maakte van schrijver naar auteur — een verhaal dat hij later herwerkte tot Wespennest (1997).
Vanaf de jaren negentig verscheen bijna jaarlijks een nieuw boek. Kus me (1991) werd zijn eerste in het buitenland vertaalde titel: in 1993 verscheen het bij Ravensburger als Küss mich. Het boek leverde hem in 1992 de Boekenleeuw op en in 1993 de prijzen van de provincies Antwerpen en West-Vlaanderen. De echte internationale doorbraak kwam met Blote handen (1995), bekroond met onder meer opnieuw de Boekenleeuw (1996), de Zilveren Griffel (1996), de Prijs van de Vlaamse Gemeenschap voor Jeugdliteratuur (1998) en de Duitse Deutscher Jugendliteraturpreis (1998). Een tweede ijkpunt is Broere (2001), een verhalenbundel over zijn jeugd met zijn zes oudere broers en zijn ouders, waarvoor hij de Woutertje Pieterse Prijs ontving. Dat de bundel bleef groeien — van 31 verhalen in de eerste editie naar 42 in 2002 en 49 in 2017 — zegt iets over hoe Moeyaert zijn werk benadert: niet als afgesloten tekst, maar als materiaal dat zich blijft ontvouwen.
In zijn stijl valt vooral de compactheid op. De jury van de Astrid Lindgren Memorial Award omschreef zijn literaire taal in 2019 als "compressed and musical" en roemde zijn vermogen om "complexe relaties onder de loep te leggen" zonder "gemakkelijke lijnen te trekken tussen goed en kwaad". Terugkerende motieven in het oeuvre zijn familie, broers, de liefde en de botsingen van opgroeien; Broere en zijn gedichten draaien expliciet om die thema's. Zijn werk reikt bovendien van prentenboek — zoals het door Anna Höglund geïllustreerde Afrika achter het hek (1995) — tot jeugdliteratuur, essays, scenario's en poëzie.
Naast proza bouwde Moeyaert aan een substantieel dichtersoeuvre. In 2001 verscheen het gedicht Klein op een zijgevel van HETPALEIS in Antwerpen; in 2003 debuteerde hij officieel als dichter met Verzamel de liefde. Op Gedichtendag 2006 werd hij benoemd tot stadsdichter van Antwerpen, een functie waarin hij achttien gedichten schreef over de actualiteit in de stad — van de moorden rond 2006 (Vrouw en Kind) tot de verkiezingen van dat jaar (Kies) en de Boerentoren als vuurtoren. Deze gedichten werden gebundeld in Gedichten voor gelukkige mensen (2008); voor dit werk werd hij in 2009 genomineerd voor de J.C. Bloem-poëzieprijs. Later schreef hij ook het Boekenweekgedicht 2022, Kortom, bij het thema Eerste liefde.
Tot zijn recentere titels horen Tegenwoordig heet iedereen Sorry, waarvoor hij in 2019 opnieuw een Zilveren Griffel ontving, en de romans Helium (2019) en Het hele leven (2020). Zijn werk is in talrijke talen vertaald. In 2014 werd hij door het Vlaams Fonds voor de Letteren en het Nederlands Letterenfonds aangesteld als intendant van het gastlandschap Vlaanderen/Nederland op de Frankfurter Buchmesse 2016. In 2019 kreeg hij de Astrid Lindgren Memorial Award, een van de belangrijkste internationale onderscheidingen in de jeugdliteratuur; in 2020 stond hij voor de derde keer op de shortlist van de Hans Christian Andersen Award, zonder die te winnen. Sinds het academiejaar 2022-2023 is hij writer in residence aan de KU Leuven, waar hij het vak Creatief schrijven doceert.
Moeyaert is ook een auteur van het podium. Hij schreef toneelstukken (Rover, dronkeman, 2001) en scenario's (Maria zorgt voor ons, 1995; Mijn hart dat tikt, 2000) en stond zelf regelmatig voor publiek: als voorlezer in Broere, als verteller in De Schepping en Olek schoot een beer, en eenmaal als acteur in Bremen is niet ver. Voor De Standaard Magazine schreef hij jarenlang columns over design en, met illustrator Gerda Dendooven, de reeks De gans en zijn broer.
Voor wie wil beginnen met het werk waarmee Moeyaert zijn naam vestigde, is Blote handen (1996) nog altijd een natuurlijke ingang: een korte, geladen jeugdroman die hem zowel in Vlaanderen als in Duitsland bekroond zag. Wie liever het persoonlijkste Moeyaert leest, kiest Broere (2001) — autobiografische verhalen over een jeugd tussen zes broers, ironisch en teder tegelijk, en in de uitgebreide editie van 2017 nog rijker. En wie de dichter wil ontdekken voordat hij de romanschrijver leest, begint bij Gedichten voor gelukkige mensen (2008), waarin zijn stadsdichterschap van Antwerpen samenkomt met zijn vaste thema: de liefde en de stad die eromheen beweegt.
Boeken van Bart Moeyaert
Nederlandse edities, recente eerst. Klik op een titel voor de bol.com-pagina.
Auteurs zoals Bart Moeyaert
Drie schrijvers met dezelfde leeservaring. Score op 10. Geen marketingpraat.
Guus Kuijer
9/10Beide Nederlandstalige meesters van de kinderblik op volwassen wereldpijn — Kuijers Madelief en Moeyaerts Bare handen delen dezelfde toon van existentiële ernst verpakt in eenvoudige taal, waarin kinderen geconfronteerd worden met geloof, verlies en de hardheid van opgroeien.
Anna Woltz
8.5/10Woltz' literaire jeugdboeken zoals Gips en Honderd uur nacht delen Moeyaerts gave om grote thema's — rouw, eenzaamheid, identiteit — binnen te halen via de stem van een kind, zonder te versimpelen. Beide auteurs schrijven voor jong én volwassen lezers tegelijk.
Annet Schaap
7.5/10Schaaps Lampje en Moeyaerts werk delen een sprookjesachtige melancholie waarin kinderen op zichzelf zijn aangewezen in een wereld die hen tekortdoet. Beide schrijven beeldend, weemoedig, en met respect voor de innerlijke wereld van het kind.














