Grote naamVerenigd Koninkrijkdetectiveklassiek

Arthur Conan Doyle

Schotse arts die met Sherlock Holmes het moderne detectivegenre uitvond.

Over de auteur

Sir Arthur Ignatius Conan Doyle (Edinburgh, 22 mei 1859 – Crowborough, 7 juli 1930) was een Britse arts en schrijver die wereldwijd bekend werd door zijn verhalen over de detective Sherlock Holmes en diens assistent dr. Watson. Hij groeide op in een Iers-katholiek gezin; zijn vader was alcoholist en belandde in 1876 in een inrichting, zijn moeder Mary Foley was volgens zijn eigen woorden een begenadigd verhalenverteller die hem sterk beïnvloedde. Van 1876 tot 1881 studeerde Doyle medicijnen aan de Universiteit van Edinburgh, waar hij les kreeg van dr. Joseph Bell — een arts die de nadruk legde op observatie en deductie en die later model zou staan voor Holmes. Na een periode als scheepsarts op een reis naar West-Afrika begon hij in 1882 een praktijk in Plymouth, specialiseerde zich in 1890 in Wenen in de oogheelkunde en vestigde zich in 1891 als oogarts in Londen.

Doyle schreef al tijdens zijn studie en publiceerde zijn eerste verhalen terwijl hij nog medicijnen studeerde. In 1884 verscheen "J. Habakuk Jephson's Statement", een kort verhaal dat het mysterie rond de Mary Celeste populariseerde. De doorbraak kwam in 1887 met de roman A Study in Scarlet, waarin Sherlock Holmes voor het eerst optrad. Het was echter de serie korte verhalen in The Strand Magazine, beginnend met "A Scandal in Bohemia" (1891), die hem in korte tijd tot een van de meest gelezen en best betaalde auteurs van zijn tijd maakte.

De Holmes-verhalen betekenden volgens de Nederlandstalige bron een belangrijke vernieuwing van het detectivegenre. Holmes, gevestigd op het adres Baker Street 221B in Londen, loste zijn zaken op met de observatie- en deductiemethode die Doyle van Bell had geleerd; Watson fungeerde als verteller en als empathisch tegenwicht. In totaal schreef Doyle vier Holmes-romans en zesenvijftig korte verhalen. De populariteit werd hem zo zwaar dat hij in november 1891 aan zijn moeder schreef dat Holmes hem van "betere dingen" afleidde; in december 1893 liet hij de detective in "The Final Problem" samen met zijn aartsvijand professor Moriarty in de Reichenbachwaterval verdwijnen. Het publieke protest was zo groot dat Holmes terugkeerde, eerst in The Hound of the Baskervilles (1901) en vervolgens in nieuwe verhalen die Doyle tot 1927 bleef schrijven.

Naast Holmes bouwde Doyle een breed oeuvre op. Hij schreef historische romans, toneelstukken, poëzie en non-fictie, en introduceerde in 1912 met The Lost World het personage professor Challenger — een boek dat zijn naam gaf aan een subgenre binnen de speculatieve fictie. Ook de humoristische verhalen over de napoleontische soldaat brigadier Gerard waren populair. In de Nederlandstalige editie-geschiedenis zijn vroege vertalingen bewaard als De avonturen van Sherlock Holmes (1894) en De Grieksche tolk (1897); recenter verscheen bij Novelaris een integrale nieuwe vertaling onder de titel Sherlock Holmes — Een studie in rood (2026).

Doyle's stijl in de Holmes-verhalen leunt op het ik-perspectief van Watson, die de zaken reconstrueert en Holmes' redeneringen voor de lezer vertaalbaar maakt. Terugkerende elementen zijn het Londen van de late negentiende eeuw, de ratio als wapen tegen chaos, en zaken die vaak beginnen met een ogenschijnlijk onbenullig detail en uitmonden in een breder complot. Buiten de detectives tonen de historische romans en The Lost World een auteur die graag van genre wisselde — van avonturenroman tot sciencefiction tot spiritistische traktaten.

Naast het schrijverschap was Doyle een publieke figuur. Hij meldde zich tijdens de Boerenoorlog vrijwillig aan als arts en verdedigde in een veel vertaald pamflet de Britse praktijken in Zuid-Afrika; hij geloofde zelf dat dit pamflet hem de ridderorde opleverde, al wijst de Engelstalige bron erop dat hij in 1902 simpelweg deel uitmaakte van de Coronation Honours van koning Edward VII, en volgens de Nederlandstalige bron accepteerde hij de titel pas na aandringen van zijn moeder. In hetzelfde jaar werd hij benoemd tot Deputy-Lieutenant van Surrey. Hij stond tweemaal zonder succes kandidaat voor het parlement. Als voorvechter van gerechtigheid onderzocht hij persoonlijk de zaken van George Edalji en Oscar Slater, wat volgens de bron bijdroeg aan de oprichting van de Court of Criminal Appeal in 1907; de zaak-Edalji werd later verwerkt in de roman Arthur & George van Julian Barnes. Na de dood van zijn zoon Kingsley in 1918 raakte Doyle sterk in de ban van het spiritisme; hij publiceerde onder meer The Coming of the Fairies (1921), waarin hij de Cottingley-foto's als bewijs voor het bestaan van elfen presenteerde, en hield lezingen, onder andere in 1928 in Den Haag.

Doyle's werk wordt volgens de Engelstalige bron ook in de eenentwintigste eeuw nog breed gelezen en bewerkt; Sherlock Holmes geldt als het meest verbeelde literaire personage in film- en televisiegeschiedenis. In het Nederlandse taalgebied zijn de Holmes-verhalen al meer dan een eeuw in omloop, van vroege negentiende-eeuwse vertalingen tot de recente editie bij Novelaris.

Voor wie nog nooit een Holmes-verhaal las en snel wil weten waarom het werk zo invloedrijk werd: begin bij A Study in Scarlet (1887, in de recente Nederlandse vertaling Een studie in rood) — daarin ontmoet je Holmes en Watson voor het eerst en zie je de deductiemethode in haar oervorm. Wie liever instapt via het bekendste verhaal kan direct naar The Hound of the Baskervilles (1901) gaan, de roman waarmee Doyle Holmes na "The Final Problem" terugbracht en die ook los van de reeks als zelfstandige mysterieroman werkt. En voor wie Doyle breder wil leren kennen dan de detective: The Lost World (1912) laat zien hoe veelzijdig zijn oeuvre was en opent een heel ander, avonturenlustig deel van zijn werk.

Doyle schreef al tijdens zijn studie en publiceerde zijn eerste verhalen terwijl hij nog medicijnen studeerde.
Bibliografie

Boeken van Arthur Conan Doyle

Nederlandse edities, recente eerst. Klik op een titel voor de bol.com-pagina.

Lijkt op

Auteurs zoals Arthur Conan Doyle

Drie schrijvers met dezelfde leeservaring. Score op 10. Geen marketingpraat.