Niche / literairVlaanderen / Belgiëliterairhistorisch

Stefan Hertmans

Vlaams schrijver, dichter en essayist; AKO Literatuurprijs voor Oorlog en terpentijn.

Over de auteur

Stefan Hertmans (Gent, 31 maart 1951) is een Vlaams schrijver, dichter en essayist met een omvangrijk en gelaagd oeuvre dat romans, poëzie, essays, verhalen en theaterteksten omvat. Hij doceerde aan het Stedelijk Secundair Kunstinstituut Gent en aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten (KASK, Hogeschool Gent), waar hij tot oktober 2010 het Studium Generale leidde. Daarnaast gaf hij lezingen aan onder meer de Sorbonne, de universiteiten van Wenen, Berlijn en Mexico City, de Library of Congress in Washington en University College London. In juli 2017 werd hij Commandeur in de Kroonorde.

Hertmans debuteerde in 1981 met de roman Ruimte. In de jaren tachtig en negentig bouwde hij parallel aan zijn proza een poëtisch en essayistisch oeuvre op. De bundel Sneeuwdoosjes verzamelde essays over uiteenlopende figuren als Walter Benjamin, Jorge Luis Borges, Marguerite Duras, Ernst Jünger, W.H. Auden en Igor Stravinsky. Naar aanleiding van die bundel kreeg hij in 1991 een opdracht van het Amsterdams Fonds voor de Kunst. Vroege erkenning kwam met Gestolde Wolken (1986), waarvoor hij de Multatuliprijs van de stad Amsterdam ontving, en met de poëziebundel Bezoekingen (1988), die zowel de Arch-prijs van het Vrije Woord als de driejaarlijkse Prijs van de Vlaamse Provincies kreeg.

In de jaren negentig verbreedde zijn werk zich naar theater en reisproza. Zijn eerste theatertekst Kopnaad (1990) werd in 1994 door het Brusselse Kaaitheater opgevoerd in een regie van Jan Ritsema en genomineerd voor het Theaterfestival 1995; in 1997 verscheen de Duitse vertaling bij Fischer Verlag en werd er een Berlijnse hoorspelversie van gemaakt. De roman Naar Merelbeke (1994) werd genomineerd voor de Librisprijs en de Schrijvers-van-Nu-prijs van ECI; een Duitse vertaling verscheen in 1996 bij Kiepenheuer in Leipzig. De bundel Muziek voor de overtocht — vijf lange gedichten over Paul Hindemith, Paul Valéry, Paul Cézanne, Vaslav Nijinsky en Wallace Stevens — kreeg in 1995 de Prijs van de Vlaamse Gemeenschap voor Poëzie en in 1996 de Paul Snoek-prijs, en werd genomineerd voor de VSB-poëzieprijs. Het reisverhaal Steden, verhalen onderweg (1998) werd genomineerd voor de Generale Bank-prijs; de Engelse vertaling verscheen in 2001 bij Reaktion Books als Intercities, de Franse vertaling Entre Ville (Le Castor Astral, 2003) won de Prix La Ville à Lire/France Culture.

Hertmans werkt vanuit een uitgesproken intellectueel-essayistische habitus: zijn proza staat in voortdurend gesprek met filosofie, beeldende kunst, muziek en geschiedenis. Dat blijkt uit Het Putje van Milete (2002), met essays over onder anderen Martin Walser, D.H. Lawrence, Samuel Beckett, Borges, Hugo Claus en Peter Verhelst, en uit Engel van de metamorfose, dat in hetzelfde jaar verscheen en geheel gewijd is aan het oeuvre van Jan Fabre. In Fuga's en pimpelmezen (1996) mengde hij zich in debatten over fundamentalisme en de oorlog in Bosnië, met essays die figuren als Slavoj Žižek, Bernard-Henri Lévy en George Steiner ter sprake brachten. Voor uitgeverij Boom schreef hij in 2000 Het bedenkelijke, een filosofische reflectie op het obscene, in een reeks waarin ook werk van Peter Sloterdijk, Jacques Derrida en Žižek verscheen. Terugkerend in zijn werk zijn de spanning tussen herinnering en geschiedenis, het naoorlogse Europa als culturele ruimte en de dialoog met de klassieke en modernistische traditie.

In december 2004 stapte Hertmans over naar De Bezige Bij. Daar verscheen onder meer de bundel Kaneelvingers en in 2006 Muziek voor de overtocht. Gedichten 1975-2005, een herziene verzameluitgave waarin ook de niet eerder gepubliceerde bundel De Kleine Woordwoestijnen (1975-1979) was opgenomen. In 2007 bundelde Het zwijgen van de tragedie de essays rond zijn theatertrilogie Kopnaad, Mind the Gap en De dood van Empedokles. In 2008 volgde de roman Het verborgen weefsel over de innerlijke strijd van een hedendaagse schrijfster, in 2010 de dichtbundel De val van vrije dagen.

De internationale doorbraak kwam met Oorlog en terpentijn, gebaseerd op cahiers die Hertmans in de jaren tachtig van zijn grootvader kreeg. De roman reconstrueert het leven van Urbain Martien, een gedecoreerde soldaat uit de Eerste Wereldoorlog, vanaf zijn jeugd in een Gentse volksbuurt tijdens de belle époque tot de loopgraven. Op 13 november 2014 ontving Hertmans daarvoor de AKO Literatuurprijs. Daarna verschenen onder meer de roman De bekeerlinge (2016), het essayboek De mobilisatie van Arcadia (2015), Onder een koperen hemel (2018), de roman De opgang (2022), de bundel Verschuivingen (2022) en in 2024 Dius. In 2021 stelde Peter Verhelst onder de titel Wij waar geen eind aan komt een keuze uit zijn gedichten samen.

Hertmans' werk is breed bekroond en vertaald. Voor Als op de eerste dag (2001), een roman in verhalen, ontving hij in 2002 de Ferdinand Bordewijkprijs van de Jan Campert-Stichting; het boek werd in 2003 in het Frans vertaald als Comme au premier jour bij Christian Bourgois. Goya als Hond kreeg in 2002 de Maurice Gilliams-prijs. Het zwijgen van de tragedie won de Vijfjaarlijkse Prijs voor het Essay van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde (KANTL) en verscheen in 2009 in Spaanse vertaling bij Pre-Textos. Zijn gedichten en verhalen verschenen in het Frans, Spaans, Italiaans, Roemeens, Kroatisch, Duits en Bulgaars, en in tijdschriften als The Literary Review (Madison), The Review of Contemporary Fiction (Illinois) en Grand Street (New York).

Voor wie Hertmans nog niet kent, is Oorlog en terpentijn (2013) de meest voor de hand liggende ingang: het is zijn breedst bekroonde roman en biedt een toegankelijke, historisch verankerde verhaallijn waarin zijn essayistische reflectie op kunst, geweld en herinnering samenkomt. Wie meer geïnteresseerd is in literaire vorm dan in historische reconstructie kan beter beginnen bij Als op de eerste dag, de met de Bordewijkprijs bekroonde roman in verhalen, die laat zien hoe Hertmans korte vormen tegen elkaar laat resoneren. Voor lezers die hem het liefst als dichter en denker leren kennen, is Muziek voor de overtocht. Gedichten 1975-2005 het meest complete startpunt — een herziene verzamelbundel die zijn poëtische ontwikkeling van de vroege jaren zeventig tot 2005 in één band bijeenbrengt.

In de jaren tachtig en negentig bouwde hij parallel aan zijn proza een poëtisch en essayistisch oeuvre op.
Lijkt op

Auteurs zoals Stefan Hertmans

Drie schrijvers met dezelfde leeservaring. Score op 10. Geen marketingpraat.