Bekende auteurVerenigd Koninkrijkhumorfantasy

Stephen Fry

Engels schrijver, acteur en verteller — van Making History tot Mythos.

Over de auteur

Sir Stephen John Fry (Hampstead, Londen, 24 augustus 1957) is een Engelse schrijver, acteur, komiek en presentator. Hij groeide op in het dorp Booton in Norfolk en studeerde aan Queens' College in Cambridge, waar hij via de studententoneelgroep Footlights zijn vaste werkpartner Hugh Laurie en de latere sciencefictionschrijver Douglas Adams leerde kennen. Fry woont afwisselend in Norfolk, Londen en Hollywood; in 2015 trouwde hij met Elliott Spencer. Hoewel hij voor een breed publiek vooral bekend is als televisiemaker — van Blackadder en Jeeves and Wooster tot zestien jaar als presentator van QI (2003-2016) — bouwde hij parallel aan dat tv-werk een omvangrijk literair oeuvre op, verdeeld over romans, autobiografieën en hervertellingen van de Griekse mythologie.

Als schrijver debuteerde Fry al vroeg met toneel: Latin! or Tobacco and Boys won in 1980 de Fringe First op het Edinburgh Festival Fringe. Vier jaar later bewerkte hij Lupino Lanes script Me and My Girl tot een musical die acht jaar in het West End zou draaien en op Broadway een Tony-nominatie opleverde voor Best Book of a Musical. Zijn verzamelde journalistieke werk verscheen in 1992 onder de titel Paperweight. De eerste roman, The Liar (1991), werd in het Nederlands vertaald door Joost Mulder als De leugenaar en in 2003 uitgebracht bij Rap in Amsterdam — de uitgeverij die vrijwel het hele Nederlandstalige Fry-oeuvre op haar naam heeft.

In de jaren negentig verschenen in rap tempo drie romans die zijn literaire handtekening vastlegden: The Hippopotamus (1994, vertaald als Het nijlpaard), Making History (1996, vertaald als Geschiedenis maken) en The Stars' Tennis Balls (2000, in de Verenigde Staten als Revenge uitgebracht en in het Nederlands als Speelbal). Daarnaast legde Fry zijn eigen leven vast in drie delen autobiografie: Moab Is My Washpot (1997, Een jongensleven), The Fry Chronicles (2010, De Fry kronieken) en More Fool Me (2014, Een tomeloze tijd). Die boeken zijn geen gewone memoires: Fry gebruikt ze om openlijk te schrijven over zijn cyclothyme stoornis — een vorm van manisch-depressief zijn die pas op zijn zevenendertigste werd gediagnosticeerd — en over zijn jeugd in Norfolk.

De stijl van Fry's romans is onlosmakelijk verbonden met zijn televisie-persona: eruditie, lange zinnen vol terzijdes, een hang naar klassieke verwijzingen en een voorliefde voor hoofdpersonen die slimmer, zelfbewuster en vaak kwetsbaarder zijn dan ze zelf willen toegeven. Making History, waarin een geschiedenispromovendus en een natuurkundige samen proberen te voorkomen dat Hitler geboren wordt, is kenmerkend: een speels concept dat ernstige ethische vragen oproept over schuld, geschiedenis en het idee dat de twintigste eeuw ook anders had kunnen lopen. In de non-fictie schrijft Fry over onderwerpen die hem persoonlijk raken: poëzie (The Ode Less Travelled, 2005), klassieke muziek (Stephen Fry's Incomplete and Utter History of Classical Music, 2004) en, in Rescuing the Spectacled Bear (2002), een reisverslag uit Peru.

Sinds 2018 is Fry bezig aan wat inmiddels zijn bekendste literaire project is geworden: een vierdelige hervertelling van de Griekse mythen. Mythos. A Retelling of the Myths of Ancient Greece verscheen in 2018 en kwam in Nederlandse vertaling in twee delen uit bij Thomas Rap, vertaald door Henny Corver, Ineke van den Elskamp, Pon Ruiter en Frits van der Waa. Daarna volgden Heroes (2018), Troy (2020) en Odyssey: The Greek Myths Reimagined (2024). De serie behandelt achtereenvolgens de goden, de helden, de val van Troje en de thuisreis van Odysseus — stof die Fry zich al als kind eigen had gemaakt en die hij in een moderne, conversationele toon aan nieuwe lezers doorgeeft.

Naast zijn literaire werk ontving Fry erkenning voor zijn documentaires en publieke rol. Voor Stephen Fry: The Secret Life of the Manic Depressive (2006), waarin hij zelf uit de kast kwam als lijder aan een cyclothyme stoornis, won hij een Emmy Award voor beste documentaire. Sinds 2011 is hij president van de Britse geestelijke-gezondheidsorganisatie Mind. In 2025 werd hij door koning Charles III geridderd wegens zijn verdiensten voor geestelijke gezondheid, milieu en liefdadigheid; op 28 maart van datzelfde jaar ontving hij een eredoctoraat van de KU Leuven op voordracht van de Faculteit Letteren. In het Nederlandse taalgebied verschijnen zijn boeken consequent bij Thomas Rap, meestal in vertalingen van Henny Corver of Joost Mulder.

Voor wie Fry nog niet als schrijver kent, zijn er drie logische ingangen. Wie houdt van slim-geconstrueerde ideeënromans en van de wat-als-vraag begint het best bij Geschiedenis maken: een alternatieve-geschiedenisroman die Fry's intelligentie, humor en morele ernst in één boek bundelt en bovendien goed op zichzelf staat. Lezers die vooral geïnteresseerd zijn in Fry als persoon — zijn jeugd in Norfolk, zijn jaren in Cambridge, zijn worsteling met stemmingswisselingen — kunnen beter beginnen bij Een jongensleven, het eerste deel van de autobiografie dat zijn kindertijd en schooljaren beslaat. Wie liever meteen in zijn populairste project duikt, pakt Mythos deel I: een toegankelijke hervertelling van de Griekse goden die geen voorkennis vereist en meteen laat horen hoe Fry als verteller klinkt.

or Tobacco and Boys won in 1980 de Fringe First op het Edinburgh Festival Fringe.
Lijkt op

Auteurs zoals Stephen Fry

Drie schrijvers met dezelfde leeservaring. Score op 10. Geen marketingpraat.