Lees-alikes

Boeken zoals Guus Kuijer

Drie auteurs die dezelfde leeservaring leveren als Guus Kuijer. Geen "klanten kochten ook"—handgekozen op thema, sfeer en stem. Met per auteur de drie boeken om mee te beginnen.

← Terug naar Guus Kuijerkinderboekliterair
Wat verbindt deze drie

Guus Kuijer schrijft verhalen waarin kinderen niet worden gered of opgevoed, maar waarin ze zelf denken. Zijn personages — Madelief, Polleke, Thomas uit Het boek van alle dingen — zijn eigenzinnig, brutaal of stil, maar altijd helder in wat ze voelen. Kuijer gebruikt korte zinnen, veel dialoog en een toon die nooit naar beneden praat. Waar veel kinderboeken de wereld netjes houden, laat hij zien hoe die wereld voor kinderen kán voelen: een vader die slaat, een moeder die drinkt, een meisje dat zwanger wordt, een jongen die tropische vissen ziet zwemmen waar anderen ze niet zien. Hij schrijft over geloof, geweld, seksualiteit en dood zonder dat het ooit aanvoelt alsof hij iets wil uitleggen.

De drie auteurs die hier volgen delen dat vermogen om kinderen serieus te nemen zonder ze te belasten. Ze schrijven stuk voor stuk vanuit een andere hoek — de ene vanuit de klas, de andere vanuit de griezelkast, de derde vanuit het cabaret — maar alle drie weigeren ze de gladde oppervlakte. Bij Kuijer draait het om emotionele waarheid; bij de schrijvers hieronder om herkenning, humor of verbeelding. Wat ze gemeen hebben is dat ze kinderen laten zien dat de wereld groter, vreemder en interessanter is dan volwassenen soms willen toegeven.

#1 · Match 9/10

Jacques Vriens

Beide schrijven herkenbare schoolverhalen voor kinderen met humor en empathie voor het kind dat zich buitengesloten voelt. Kuijers Madelief en Polleke vinden hun weerga in Vriens' Achtste-groepers en Meester Jaap — allebei meesters in het vangen van de toon van kinderen die worstelen met kleine en grote problemen.

Waarom deze match werkt

Match-score van 9/10 op basis van thema, sfeer en lees-experience — niet op populariteit of marketing-overlap. Nederlandse kinderboekenschrijver van Meester Jaap tot Achtste-groepers huilen niet.

Waar verschilt Jacques Vriens

Waar Kuijer zijn verhalen laat uitkristalliseren rond één hoofdpersoon die tegen de wereld aanloopt — Madelief die haar vader confronteert, Polleke die haar Marokkaanse vriend verdedigt — plaatst Vriens zijn kinderen meestal in een groep: een klas, een bende, een hotelgezin. Kuijers verhalen hebben een scherp psychologisch randje; zijn personages zitten vast in hun hoofd en moeten daar zelf uitkomen. Vriens werkt meer pedagogisch: zijn verhalen gaan over samenhorigheid, over hoe een groep omgaat met iemand die ziek wordt of anders is. Het tempo ligt bij Vriens hoger, de taal is directer en minder gelaagd, en de afloop biedt vaker troost. Kuijers boeken eindigen met een gevoel, niet met een oplossing; Vriens sluit af met een groepsknuffel of een les die iedereen geleerd heeft.

Beste startpunt

Begin met Achtste-groepers huilen niet (1999) als je wilt zien hoe Vriens een ernstig onderwerp — kinderkanker — behandelt zonder sentimenteel te worden. Het boek laat zien waarom lezers hem vergelijken met Kuijer: het gaat over een meisje dat ziek wordt en haar klas die moet leren omgaan met afscheid, met hetzelfde respect voor de emoties van kinderen dat Kuijers Polleke-boeken kenmerkt. Het tempo ligt hoger dan bij Kuijer, maar de inzet is vergelijkbaar reëel.

#2 · Match 7.5/10

Paul van Loon

Waar Kuijer het alledaagse laat kantelen door emotionele waarheid, laat Van Loon het kantelen door griezelige fantasy — maar beide schrijven voor dezelfde leeftijd met dezelfde toon: respect voor de lezer, humor als buffer, en een scherp oog voor hoe kinderen écht denken en praten.

Waarom deze match werkt

Match-score van 7.5/10 op basis van thema, sfeer en lees-experience — niet op populariteit of marketing-overlap. Nederlands kinderboekenschrijver van 'grumor' — griezelen met humor, van Dolfje tot De Griezelbus.

Waar verschilt Paul van Loon

Waar Kuijer de alledaagse werkelijkheid laat kantelen door wat een kind voelt of ziet — Thomas die vissen ziet in de gracht, Madelief die haar vader confronteert met zijn geweld — kantelt Van Loon de werkelijkheid door het fantastische: weerwolven, vampiers, spookbussen. Kuijers verhalen zijn klein, psychologisch en naar binnen gericht; Van Loons verhalen zijn breed, vol actie en naar buiten gericht. Toch delen ze een vergelijkbare toon: beide schrijven spreektaal, beide gebruiken humor als buffer tegen de spanning, en beide nemen kinderen serieus zonder ze te kleineren. Het grote verschil zit in de inzet: bij Kuijer is de griezel de vader die slaat of de god die straft; bij Van Loon is het een monster dat je kunt verslaan of een weerwolf die je vriend wordt.

Beste startpunt

Begin met Dolfje Weerwolfje (1997) als je wilt zien hoe Van Loon kinderen laat omgaan met 'anders zijn' — het thema dat ook bij Kuijers Polleke en Thomas centraal staat. Dolfje is een jongetje dat bij volle maan verandert in een weerwolfje en dat moet leren leven met zijn weerwolfoom Opa. Het boek is grappiger en sneller dan Kuijers werk, maar de kern is vergelijkbaar: een kind dat zichzelf moet accepteren terwijl de wereld hem vreemd vindt.

#3 · Match 8/10

Annie M.G. Schmidt

Schmidt en Kuijer delen een speelse toon, een scherp gevoel voor taal en een weigering kinderen als dom te behandelen. Beiden groeien klassiek status uit door hun vermogen om kinderlijke logica serieus te nemen — Kuijers Polleke-boeken en Schmidts Jip en Janneke zijn beide monumenten van hoe je met eenvoud diepte creëert.

Waarom deze match werkt

Match-score van 8/10 op basis van thema, sfeer en lees-experience — niet op populariteit of marketing-overlap. Nederlandse schrijfster van Jip en Janneke, Pluk van de Petteflet en Minoes.

Waar verschilt Annie M.G. Schmidt

Waar Kuijer schrijft over kinderen die worstelen — met een gewelddadige vader, met een verslaafde moeder, met een liefde die niet mag — schrijft Schmidt over kinderen die spelen. Haar personages zijn lichter, haar verhalen zijn korter, en haar toon is optimistischer. Kuijers Madelief is brutaal omdat ze zich moet verdedigen; Schmidts Jip en Janneke zijn brutaal omdat het leuk is. Toch delen ze een gemeenschappelijke weigering: beide schrijven nooit vanuit de volwassene die uitlegt, maar vanuit het kind dat zelf beslist. Schmidt doet dat met rijm, ritme en cabaret-humor; Kuijer met lange zinnen, innerlijke monoloog en stilte. Schmidts werk is opener, meer geschikt voor voorlezen; Kuijers werk vraagt om alleen lezen, om tijd om na te denken.

Beste startpunt

Begin met Pluk van de Petteflet (1971) als je wilt zien hoe Schmidt kinderen laat bewegen in een wereld die net iets scheef zit — een tasjesdief die lief blijkt, een papegaai die praat, een kraanwagentje waarin je woont. Het boek laat zien waarom Schmidt en Kuijer vaak in één adem genoemd worden: beide laten kinderen hun eigen keuzes maken in een wereld die niet altijd logisch is, zonder dat die wereld angstaanjagend wordt. Schmidts toon is blijer, maar de vrijheid die ze haar personages geeft is dezelfde die Kuijers Madelief en Polleke claimen.

Niet wat je zoekt?

Onze Leesvolger leest je smaak — vertel wat je net las en wat je ervan vond, krijg drie boeken die echt passen.

Probeer Leesvolger →