Wat lezen na Poppy en Eddie?
Vijf concrete aanraders voor wie Poppy en Eddie van Herman Brusselmans net uit heeft.
Poppy en Eddie speelt met de grens tussen verzonnen en echt — personages die claimen te bestaan, een verteller die zichzelf Herman Brusselmans noemt maar niet helemaal te vertrouwen is, een toon die ergens tussen cynisme en weemoed hangt. Het is Brusselmans in zijn meest kenmerkende vorm: autobiografisch materiaal dat door de fictie-haler wordt gedraaid, personages die je irriteren en tegelijk vasthouden, zinnen die vloeiend lopen terwijl de inhoud alle kanten op schiet. Wie dit boek goed vond, zoekt waarschijnlijk meer van die mengvorm — werk waarin Brusselmans zichzelf als personage gebruikt, waarin de grens tussen document en verzinsel opzettelijk vaag blijft, waarin humor en melancholie elkaar afwisselen. Vijf boeken die daarop aansluiten:
Theet 77
door Herman Brusselmans · 2022

Dit boek gaat terug naar de jeugd van Herman Brusselmans in Hamme, het veehandelaarsadres waar hij opgroeide. Het is nog directer autobiografisch dan Poppy en Eddie — minder fictionele lagen, meer rechtstreekse herinneringen aan de vader, de moeder, het gezin. Toch blijft die typische Brusselmans-beweging intact: het alledaagse wordt opgetild door de manier waarop het verteld wordt, zonder sentimentaliteit maar met precisie. Wie in Poppy en Eddie genoot van die momenten waarin Brusselmans zichzelf als personage gebruikt om iets over zijn eigen verleden te zeggen, vindt hier een hele roman die dat doet. Het is minder speels met fictie, maar wel even helder in zijn observaties van mensen en hun tekortkomingen.
Muggepuut
door Herman Brusselmans · 2011
Danny Muggepuut is een van Brusselmans' vele alter ego's — een Gentse schrijver die minivoetbal coacht, interviews geeft, aan een tiende roman werkt. Het is duidelijk een zelfportret met een andere naam, en precies dat maakt het interessant na Poppy en Eddie: Brusselmans gebruikt weer een personage dat halfzichzelf is om te schrijven over wat schrijverschap inhoudt, over de routines en de dwangneuroses, over hoe je jezelf blijft herhalen en daar soms ook mee worstelt. De toon is lichter dan in Poppy en Eddie, meer geamuseerd om zichzelf, maar de techniek is dezelfde: een verteller die beweert iemand anders te zijn terwijl iedereen weet dat het Brusselmans zelf is.
Vertrouw mij, ik kom uit de veehandel
door Herman Brusselmans · 2020
Een moord in de krant, een schrijver die besluit er een boek over te maken — en daarmee begint een roman waarin Brusselmans zichzelf als detective in zijn eigen verhaal laat opdraven. Het is weer die mengvorm: een echte misdaad als uitgangspunt, Brusselmans als personage dat onderzoek doet, en dan een plot dat alle kanten op kan schieten omdat de auteur zelf bepaalt wat waar is. Na Poppy en Eddie, met zijn onbetrouwbare personages en zijn spel met werkelijkheid, is dit een logische volgende stap: nog explicieter gebruik van de auteur als fictief personage, nog meer spanning tussen document en verzinsel. De veehandel-zin in de titel verwijst naar zijn jeugd, wat een extra laag toevoegt.
Sprakeloos
door Tom Lanoye · 2009
Waar Brusselmans zijn moeder indirect portretteert via personages en herinneringen, schrijft Tom Lanoye hier rechtstreeks over de zijne: een vrouw die na een beroerte langzaam aftakelt, haar spraak verliest, verdwijnt. Het is even direct en even onsentimenteel als Brusselmans op zijn best — Lanoye spaart zichzelf niet, spaart zijn moeder niet, schrijft over wat er echt gebeurt zonder te verhullen of te verfraaien. Voor wie in Poppy en Eddie de momenten waardeerde waarin Brusselmans stopte met spelen en iets concreets over zijn familie zei, biedt dit een hele roman waarin dat gebeurt. Het is autobiografie zonder fictie-laag, maar met dezelfde weigering om mooier te doen dan het is.
Kamermeisjes en soldaten
door Arnon Grunberg · 2021
Grunberg gaat 'onder de mensen' — werkt als kelner, als soldaat, als kamermeisje — en schrijft reportages over wat hij meemaakt. Het lijkt misschien ver van Brusselmans' fictie, maar de overeenkomst zit in de positie van de schrijver: Arnon Grunberg gebruikt zichzelf als instrument, observeert mensen van dichtbij, schrijft met een toon die ergens tussen afstandelijk en betrokken hangt. Net als Brusselmans in Poppy en Eddie is hij aanwezig in de tekst maar ook afwezig, een verteller die registreert maar niet helemaal te pakken is. Voor wie Brusselmans' blik op personages waardeert — die mengeling van mededogen en wreedheid — biedt Grunberg dat in non-fictievorm, met dezelfde scherpte.
Welke kies je? Voor wie terug wil naar Brusselmans' jeugd en het veehandelsadres: Theet 77 of Vertrouw mij, ik kom uit de veehandel. Voor wie meer wil van de schrijver-als-personage: Muggepuut. Voor wie direct autobiografisch werk zoekt zonder fictie-laag: Sprakeloos. Voor wie Brusselmans' observerende toon in een ander jasje wil: Kamermeisjes en soldaten.
Wil je een nog beter advies?
Vertel onze Leesvolger wat je net las én wat je ervan vond. Drie boeken op maat.
Probeer Leesvolger →