Boeken zoals Annet Schaap
Drie auteurs die dezelfde leeservaring leveren als Annet Schaap. Geen "klanten kochten ook"—handgekozen op thema, sfeer en stem. Met per auteur de drie boeken om mee te beginnen.
Annet Schaap schrijft kinderboeken die geen kinderboeken zijn in de betekenis die dat woord in reclamefolders heeft gekregen. Haar verhalen spelen zich af in sprookjeswerelden — vuurtorens, eilanden, donkere bossen — maar die settings zijn geen decorstuk. Ze zijn de plek waar meisjes zich staande moeten houden in werelden die hen niet welgezind zijn. Lampje, haar debuut, gaat over een vuurtorenwachtersdochter die het opneemt tegen een beest; Krekel draait om een meisje dat zingt in een wereld die daar gevaar in ziet. De toon is poëtisch, de zinsbouw bedachtzaam, en het perspectief consequent gericht op wat meisjes doormaken en hoe ze daarmee omgaan. Dat maakt haar werk feministisch, al ligt die ondertoon er volgens recensies 'soms wat dik bovenop'.
Waarom deze drie auteurs? Omdat ze Schaaps twee kerneigenschappen delen: ze nemen kinderen serieus, en ze kijken niet weg van eenzaamheid, verlies en angst. Wat Schaap verbindt met Tonke Dragt is de poëtische ernst waarmee beide auteurs avontuur vertellen; wat haar verbindt met Paul van Loon is de gedeelde overtuiging dat griezelen troostend kan zijn als het maar wordt verpakt in schoonheid en humor; en wat haar verbindt met Roald Dahl is de weigering om volwassenen standaard als de goeden te presenteren. Bij alle drie geldt: de wereld kan wreed zijn, maar het kind heeft een kompas.
Tonke Dragt
Beide Nederlandse kinderboekenschrijvers combineren avontuur met diepe thematiek en poëtische taal. Schaaps donkere sprookjes delen met Dragts ridderverhalen de kwaliteit dat ze kinderen serieus nemen en niet wegkijken van eenzaamheid, verlies en morele dilemma's.
Match-score van 9/10 op basis van thema, sfeer en lees-experience — niet op populariteit of marketing-overlap. Nederlandse kinderboekenschrijfster van ridderavonturen én sciencefiction, met Tiuri als handtekening.
Waar Schaap een intieme, meisjesgerichte vertelstem heeft die zich afspeelt in kleine, bijna claustrofobische werelden — een vuurtoren, een bos met een zingende krekel — opent Dragt haar verhalen naar brede landschappen met ridderwegen, kastelen en fictieve koninkrijken. Schaaps protagonisten zijn jonge meisjes die moeten overleven in een wereld die hen niet ziet of bedreigt; Dragts helden zijn jongens (Tiuri, Piak) die een queeste uitvoeren en daarbij steeds grotere verantwoordelijkheid krijgen. Dragt illustreerde haar eigen boeken met gedetailleerde kaarten en tekeningen die de wereld visueel verankeren; Schaap is ook illustrator, maar tekent haar eigen romans niet — haar beeldende kracht zit in het proza zelf, niet in een aparte tekenlaag. En waar Dragt zowel ridderromans als sciencefiction schreef, blijft Schaap consequent binnen het sprookjesachtige, maritieme register.
Begin met De brief voor de koning (1962), het boek waarmee Dragt de Griffel der Griffels won en dat in 34 talen is vertaald. Het verhaal over de aankomend ridder Tiuri die een geheime brief moet bezorgen, heeft dezelfde poëtische ernst als Lampje: beide auteurs schrijven avontuur alsof het ertoe doet, met aandacht voor eenzaamheid en morele keuzes. Het grote verschil — Tiuri reist door een breed landschap, Lampje zit opgesloten in een toren — maakt de vergelijking juist interessant.
Paul van Loon
Schaaps sprookjesachtige griezel — waarbij het angstaanjagende altijd gepaard gaat met schoonheid — past naadloos bij Van Loons 'grumor'. Beide auteurs durven kinderen bang te maken, maar doen dat met respect en met oog voor troost en hoop.
Match-score van 8/10 op basis van thema, sfeer en lees-experience — niet op populariteit of marketing-overlap. Nederlands kinderboekenschrijver van 'grumor' — griezelen met humor, van Dolfje tot De Griezelbus.
Waar Schaaps griezel altijd gekoppeld is aan schoonheid en aan een sprookjesachtige setting — denk aan de maritieme wereld van Lampje of het bos met het zingende meisje in Krekel — schrijft Van Loon in een eigentijdse, herkenbare kindwereld met schoolbussen, huiskamers en klaslokalen. Zijn monsters zijn grappig, sullig of zielig; Schaaps gevaarlijke figuren blijven altijd dubbel — mooi en eng tegelijk, nooit puur komisch. Van Loon schrijft in korte hoofdstukken met veel dialoog en een hoog tempo; Schaap neemt de tijd voor beschrijvingen, lange zinnen en innerlijke monologen. En waar Van Loons 'grumor' expliciet humor inbouwt om de spanning te breken, houdt Schaap de toon consequent poëtisch en droevig, ook als er hoop opkomt.
Begin met Dolfje Weerwolfje (1997), het boek dat Van Loon zijn eerste Prijs van de Nederlandse Kinderjury opleverde en dat in 2011 werd uitgeroepen tot Grootste Kinderboekenheld. Het verhaal over een blond jongetje dat bij volle maan verandert, heeft hetzelfde thema als Schaaps werk — 'anders zijn' in een wereld die dat niet altijd begrijpt — maar dan verpakt in warme humor en een hedendaags gezin. Voor lezers die Lampje te zwaar vonden maar wel van sprookjesachtige spanning houden, is dit een zachte landing.
Roald Dahl
Net als Dahl schrijft Schaap verhalen waarin de wereld wreed kan zijn en volwassenen niet altijd betrouwbaar. Beide kiezen voor sprookjesachtige settings waarin kinderen zelf de morele kompas moeten zijn — donker, maar nooit hopeloos.
Match-score van 7.5/10 op basis van thema, sfeer en lees-experience — niet op populariteit of marketing-overlap. Britse verteller van wrede sprookjes voor kinderen en zwarte verhalen voor volwassenen.
Waar Schaaps verhalen zich afspelen in sprookjesachtige, historisch-vage settings — vuurtorens, eilanden, bossen — plaatst Dahl zijn kinderen in scherp getekende, satirische omgevingen: schoolklassen met sadistische directrices, fabrieken met gestoorde uitvinders, gezinnen met gemene grootouders. Schaaps volwassenen zijn vaak afwezig, onverschillig of angstaanjagend, maar zelden komisch; Dahls volwassenen zijn groteske karikaturen, bedoeld om kinderen de kans te geven erom te lachen. Schaap schrijft met lange, zorgvuldige zinnen en een poëtische toon die dicht bij het Nederlandse sprookje blijft; Dahl schrijft met korte, rake zinnen en de beroemde 'twist in the tail', een techniek die Schaap niet gebruikt. En waar Dahls kinderen altijd uiteindelijk winnen — denk aan Matilda, Sjakie — blijven Schaaps meisjes vaak kwetsbaar, ook na de ontknoping.
Begin met Matilda, het boek waarin Dahls handtekening het duidelijkst zichtbaar is: een slim, moedig meisje dat het opneemt tegen wrede volwassenen. Net als Schaaps Lampje moet Matilda overleven in een wereld die haar onderschat en bedreigt, maar Dahls versie is satirischer, grappiger en veel explicieter in de straf die de slechteriken uiteindelijk krijgen. Voor lezers die Schaaps donkere sprookjes waarderen maar wel houden van een duidelijke, rechtvaardige ontknoping, is Matilda de beste ingang.
Niet wat je zoekt?
Onze Leesvolger leest je smaak — vertel wat je net las en wat je ervan vond, krijg drie boeken die echt passen.
Probeer Leesvolger →







