Boeken zoals Annie M.G. Schmidt
Drie auteurs die dezelfde leeservaring leveren als Annie M.G. Schmidt. Geen "klanten kochten ook"—handgekozen op thema, sfeer en stem. Met per auteur de drie boeken om mee te beginnen.
Annie M.G. Schmidt schreef kinderboeken waarin het kind centraal staat zonder ooit geïnfantiliseerd te worden. Haar versjes en verhalen — van Jip en Janneke tot Pluk van de Petteflet — draaien om eigenzinnige personages die zich niet aan conventies houden, volwassenen die net iets te serieus zijn, en een toon die brutaal en luchtig tegelijk is. Ze rijmt met trefzeker ritme, schrijft in korte zinnen die klinken als gesproken Nederlands, en kiest consequent de kant van het kind dat zich niet schikt. Haar werk is wars van moraliseren; in plaats daarvan laat ze zien hoe de wereld eruitziet als je zes bent en een kartonnen stad bouwt, of als je een poes bent die mens wordt.
Wie verder wil lezen na Schmidt zoekt vaak dezelfde combinatie: humor die kinderen serieus neemt, personages die hun eigen moraal volgen, en verhalen waarin volwassen autoriteit met een knipoog wordt behandeld. De drie auteurs hieronder delen die eigenschappen, maar elk op een eigen manier. Waar Schmidt licht en ritmisch blijft, gaan anderen dieper de griezel in, of juist de sprookjeswereld. De vraag is welke toon het beste past bij wat je in Schmidt herkende.
Roald Dahl
Beide schrijven kinderboeken waarin volwassenen dwars worden gezeten, waarin absurditeit en humor samengaan met een onderlaag van emotie, en waarin kinderen de helden zijn van verhalen die zowel grappig als scherp zijn.
Match-score van 9/10 op basis van thema, sfeer en lees-experience — niet op populariteit of marketing-overlap. Britse verteller van wrede sprookjes voor kinderen en zwarte verhalen voor volwassenen.
Waar Schmidt mild blijft en haar personages zelden echt in gevaar brengt, draait Dahl de knop van wreedheid verder open. Zijn volwassenen zijn niet alleen te serieus — ze zijn sadistisch, grotesk of ronduit gevaarlijk. Miss Trunchbull gooit kinderen door de lucht, de ouders van Matilda negeren hun dochter tot ze verdwijnt, en in Sjakie en de chocoladefabriek verdwijnen kinderen letterlijk in machines. Schmidt laat Pluk met een kraanwagen wonen; Dahl laat James in een reuzenperzik de oceaan oversteken terwijl haaien aan de steel knagen. Ook qua taal verschilt de aanpak: Schmidt gebruikt korte zinnen en rijm, Dahl bouwt langere paragrafen met meer beschrijving en een donkerdere ondertoon. Zijn humor is scherper, zijn rechtvaardige ontknoping vaak meer revanche dan verzoening.
Begin met Matilda. Dat boek laat meteen zien wat Dahl anders maakt dan Schmidt: een heldin die net zo slim en eigenzinnig is als Pluk of Jip, maar die te maken krijgt met echt gevaarlijke volwassenen — een schoolhoofd die kinderen in een strafkast gooit, ouders die hun dochter een stom kind noemen. Tegelijk heeft het boek dezelfde warme kern als Schmidts werk: een kind dat vindingrijk is en een volwassene vindt (juf Honey) die haar wel ziet staan. De wraak die Matilda neemt is fantasierijk en bevredigend, zonder dat het boek ooit gemeen wordt.
Paul van Loon
Van Loon combineert humor en griezel ('grumor') in kinderboeken die net als Schmidt kinderen serieus nemen zonder te infantiliseren — beide schrijvers hebben oog voor het onconventionele en eigenzinnige kind.
Match-score van 7.5/10 op basis van thema, sfeer en lees-experience — niet op populariteit of marketing-overlap. Nederlands kinderboekenschrijver van 'grumor' — griezelen met humor, van Dolfje tot De Griezelbus.
Van Loon voegt een element toe dat Schmidt vrijwel nooit gebruikt: echte spanning. Zijn personages zijn weerwolven, vampiers of monsters, en hoewel die altijd sullig of grappig blijken, begint elk verhaal met een dreiging die bij Schmidt ontbreekt. Jip en Janneke gaan naar de winkel; Dolfje verandert bij volle maan in een weerwolfje en moet dat verbergen voor zijn klas. Pluk woont in een kraanwagen; de kinderen in De Griezelbus stappen in een bus vol spoken. Van Loons humor is grover en zijn plots sneller — korte hoofdstukken, veel dialoog, cliffhangers — waar Schmidt juist traag vertelt en veel ruimte laat voor sfeer en rijm. Ook zijn doelgroep is iets ouder: waar Schmidt vaak stopt bij een jaar of acht, schrijft Van Loon door tot tien, elf jaar.
Begin met Dolfje Weerwolfje, het eerste deel uit de reeks. Het boek introduceert een blond jongetje dat ontdekt dat hij bij volle maan verandert in een weerwolfje, en dat zijn pleeggezin daar heel rustig mee omgaat — net zoals Schmidts personages rustig accepteren dat een poes ineens mens is. De toon is warm en grappig, de spanning blijft beheersbaar, en de thema's (anders zijn, erbij horen) sluiten aan bij wat Schmidt ook doet. Van Loon laat zien dat griezelen en humor samen kunnen, zonder dat het boek ooit eng genoeg wordt om er wakker van te liggen.
Astrid Lindgren
Lindgren schreef eigenzinnige personages als Pippi en Ronja die, net als Schmidts Jip en Janneke of Pluk, hun eigen moraal volgen — beide auteurs hebben een speelse, licht subversieve toon en een diep respect voor het perspectief van het kind.
Match-score van 8/10 op basis van thema, sfeer en lees-experience — niet op populariteit of marketing-overlap. Zweedse vertelster die Pippi, Ronja en Mio een eigen, eigenzinnige stem gaf.
Lindgren schrijft langzamer en breder dan Schmidt. Waar Schmidt een verhaal van Jip en Janneke in twee bladzijden vertelt, neemt Lindgren tien pagina's voor een hoofdstuk over Emil die zijn hoofd in de soepterrine steekt. Haar boeken hebben meer beschrijving, meer landschap, meer ingebedde context — het Småland van haar jeugd is overal aanwezig, waar Schmidts Amsterdam abstract blijft. Ook is Lindgrens toon ernstiger: Pippi is net zo eigenwijzer als Pluk, maar in Mio, min Mio of De gebroeders Leeuwenhart draait het om dood, verlies en moed op een manier die Schmidt nooit aanraakt. Lindgren heeft meer oog voor melancholie; Schmidt blijft consequent opgewekt.
Begin met Pippi Langkous, het boek waarmee Lindgren in 1945 doorbrak. Pippi is een meisje dat zonder ouders in Villa Kakelbont woont, een paard optilt en volwassenen vrolijk negeert — precies het soort eigenwijze held dat Schmidt ook creëert. De toon is speels en subversief, en het boek laat goed zien wat Lindgren deelt met Schmidt: respect voor het perspectief van het kind, humor zonder moraal, en personages die hun eigen regels volgen. Wie dat boek leuk vindt, kan daarna doorlezen in Pippi gaat op reis, of juist overstappen naar de ernstiger Ronja de roversdochter.
Niet wat je zoekt?
Onze Leesvolger leest je smaak — vertel wat je net las en wat je ervan vond, krijg drie boeken die echt passen.
Probeer Leesvolger →







